Sterk optreden RETO in Omloop der Zevenheuvelen eindigt in mineur na valpartij

Auteur Jesse Reith op 14 juli 2017

Het gebeurt niet ieder weekend dat honderdtwintig wielrenners zich met 75 kilometer per uur naar beneden laten storten, om vervolgens compleet te verzuren op een steile klim met slecht wegdek. Toch is dat, in het kort, de samenvatting van de Omloop der Zevenheuvelen (zondag 9 juli) waar veel RETO-renners zich voor hadden ingeschreven.

De voorbereiding op de koers in Berg en Dal verliep voor iedereen anders. Zo pakte Tom van Braak de auto en verkende al om 08:30 het parcours. Een halfuur eerder vertrokken Jan van Prooije, Erwin Hoftijser, Noud Roelen, Bart Dijk, Dennis Leeftink en Jesse Reith vanuit het clubhuis voor een stevige warming-up.

Terwijl de een nog vlug het toilet opzocht en haastig zijn rugnummer opspeldde (schrijver dezes), stonden tientallen renners al te trappelen aan de start/finish aan de Zevenheuvelenweg. Dit jaar werd de Omloop voor het eerst georganiseerd, mede daarom stond het aantal inschrijvingen op maar liefst 175 wielrenners. Uiteindelijk durfden 119 gemotiveerden de uitdaging van 54 kilometer aan.

RETO stond verspreid in het peloton opgesteld, met onder andere Werner Altewischer en Tom van Braak goed voorin. Aan Noud Roelen, Bart Dijk en onder meer Jesse Reith de taak om zo snel mogelijk naar voren te komen. Zij slaagden daarin door zich vol in de eerste afdaling van de Oude Kleefsebaan te storten, met snelheden van 75 kilometer per uur (en hoger). In ieder denkbaar gaatje sprong een afdaler (lees: een kamikaze-renner). Iedereen die minder technisch was aangelegd, kreeg het direct moeilijk.

Na een aantal technische passages richting de Derde Baan bleef het peloton bijeen. Dat was vooraf niet de verwachting: het peloton zou direct op een lint gaan en breken, voorspelden vele RETO- coureurs. Maar ondanks enkele demarrages en sprongen naar de kopgroep bleef het ‘pak renners’ lang samen. De Derde Baan was zwaar, maar te smal en niet steil genoeg om de boel te doen ontploffen. Bovendien moesten de echte berggeiten erkennen dat de klim omhoog, op het grote blad, meer weg had van een langgerekte sprint. Halverwege reed Stanley Alards lek: hij moest noodgedwongen de koers verlaten.

In de een-na- laatste ronde ontstonden er wat breukjes in het peloton (bestaande uit ongeveer zeventig renners) en ontstond een kopgroep van elf.

RETO zat op dat moment helaas niet van voren en was aangewezen op het volgen van het peloton, dat vakkundig werd afgestopt door renners van Stipbike Nijmegen (thuisrenners met veel ambitie). In de laatste ronde groepeerden Wesley Pieterse, Bart Dijk, Noud Roelen, Jan van Prooije en Jesse Reith zich voorin het peloton. In een spreekwoordelijk treintje wisten zij iets naar voren te schuiven, afwachtend op de laatste beklimming van de Derde Baan…

Bovenaan viel het tempo weer wat stil en werden de sprinttreinen van diverse ploegen opgetuigd: met ellebogen, gevloek en kwakjes tot gevolg. Ook RETO schoof naar voren. Achter de kopgroep, waar Bart Vreugdenhil zegevierde, raasde het peloton richting de finish. Na een flauwe bocht ging het de laatste tweehonderd meter vals plat omhoog. Misschien door vermoeidheid, misschien door te agressief rijden, misschien door iets anders, vond er toen een flinke valpartij plaats. Renners haakten in elkaars sturen en smakten tegen de grond of in de hekken. De snelheid lag boven de vijftig kilometer per uur.

RETO kwam gehavend uit de strijd, met Jeroen Jansman en Werner Altewischer als voorname slachtoffers. Zo eindigde de koers in mineur. Jeroen liep een oogwond op en blesseerde zijn schouder. Hij heeft zich in het ziekenhuis laten verzorgen, bleek z'n sleutelbeen te hebben gebroken en sloot de dag af met de woorden: ‘ik ga op biljarten.’

Werner kwam er fysiek beter van af, maar brak het frame van zijn fiets. Ook zijn versnellingsapparaat leek niet meer naar behoren te functioneren. Wesley Pieterse liep bovendien schade op aan zijn wielen. Noud Roelen was ook betrokken bij de valpartij. Hij eindigde in de hekken maar bleef ongedeerd en kon finishen. Tom van Braak, in de winter actief als veldrijder, ontweek naar eigen zeggen al springend de valpartij.

Dennis Leeftink kwam als 22 e over de streep en was zondag het beste RETO-lid. Daarachter reden de renners, zichtbaar aangeslagen door de valpartij, stapvoets naar de finish. Wesley werd 30 e , kort gevolgd door Jesse Reith (34 e ), Bart Dijk (35 e ) en Tom van Braak op een 38 e plek. Daarachter werd Jan van Prooije 45 e en Noud Roelen 55 e . Pechvogels Jeroen (89 e ) en Werner (92 e ) werden nog wel geklasseerd. Naast Stanley moest ook Harry Ruiterkamp de koers vroegtijdig verlaten.

Er kan hoop worden geput uit het sterke rijden van RETO als collectief. Voor nu rest het likken van de wonden. Beterschap aan alle betrokkenen!